Trainer: IM Jop Delemarre
Bij schaken wordt het onderscheid gemaakt tussen tactiek en strategie. Met eerstgenoemde wordt (een serie van) geforceerde zetten bedoeld zoals slaan en schaak geven. Bij strategie gaat het om lange termijn plannen die niet als direct doel hebben om iets te dreigen, maar bedoeld zijn om je eigen stelling te verbeteren of die van de tegenstander te verzwakken. Uiteraard is er een link tussen tactiek en strategie. Volg je een goed strategisch plan, dan staan je stukken actief, heb je een mooie pionnenstructuur en is je koning veilig. Het risico op tactische ’trucjes’ van je tegenstander is in zo’n situatie veel kleiner dan wanneer je stukken passief staan of je pionnenstructuur is gereduceerd tot een ruïne.
Specifiek in de groep 1700-1900 zien we vaak spelers die tactisch goed zijn onderlegd en combinaties snel zien. Op strategisch vlak is er echter nog een wereld te winnen. In de lessenserie van dit jaar ligt de focus daarom op strategie. Specifiek gaan we het hebben over het actief maken van je stukken en de link die dat heeft met je pionnenstructuur.

Blok 1: Droomvelden
In blok 1 ligt de focus op het vinden van droomvelden van je stukken. Als je grootmeesters ziet spelen dan lijkt dat zo gemakkelijk: als vanzelf worden de stukken gedirigeerd naar velden waar ze veilig en actief staan en ook nog eens goed met elkaar samenwerken. Maar sta je zelf aan het roer, dan blijkt die opdracht vaak een stuk moeilijker. Jop leert je een actieplan dat bestaat uit vier stappen om jouw stukken op hun ideale veld te krijgen.
- Les 1: Droomveld vinden: Paarden en Lopers
- Les 2: Droomveld vinden: Torens en Dame
- Les 3: Droomveld vinden: de Koning – rokeer ik lang of kort?
- Les 4: Stukken ruilen: opzoeken of vermijden? En hoe verhoudt dat zicht tot de droomvelden?
Blok 2: De kracht van pionnenspel
‘Pionnen zijn de ziel van het schaakspel’, zo luidt een beroemde uitspraak die Philidor al in 1749 deed. En die stelling houdt ook vandaag nog stand. Vandaar dat in blok 2 de aandacht verschuift van de stukken naar de pionnen, waarbij de relatie tussen die twee natuurlijk niet onbesproken blijft.
- Les 5: Pionnen en droomvelden – Hoe helpt mijn pionnenstructuur bij het maken en veroveren van droomvelden?
- Les 6: Quo vadis – Op welke flank ga je spelen en hoe kom je daar tot aanvalsdoelen?
- Les 7: De zwakke plek – Een pionnenketen heeft een basis en een top. Wanneer val je waar aan?
- Les 8: Een gelukkig huwelijk– Verbeter de harmonie tussen pionnenspel en stukken. Deze training brengt alle geleerde lessen nog een keer bij elkaar.
Data
Alle data van de trainingen vind je bij het programma.
Programma overige groepen
Meer informatie?
Kijk op de aparte pagina’s voor meer informatie over:
